maandag 13 juli 2026

Tour de France

Zelf zit ik al vanaf m’n 13e op de racefiets en ik mag nog altijd dolgraag naar wielrennen op tv kijken. Daarnaast - en deze blog is daar natuurlijk het levende bewijs van - ben ik een enorm groot muziekliefhebber. Een van mijn vrienden was dan ook met stomheid geslagen toen hij ontdekte dat Tour de France van Kraftwerk nog altijd niet in mijn collectie zat. Vorige week werd ik 70 werd en was voor hem de ultieme aanleiding om dat probleem voor eens en altijd op te lossen.

Tour de France is het elfde en laatste studioalbum van de Duitse formatie Kraftwerk. De band werd in 1970 opgericht en geldt wereldwijd als een van de absolute pioniers en trendsetters op het gebied van elektronische muziek. Al in 1983 bracht de groep, ter gelegenheid van de 80e verjaardag van de Tour de France, de gelijknamige single uit.


Die iconische single stond twintig jaar later model om het 100-jarig bestaan van de Franse wielerronde muzikaal te vieren. Onder de naam Tour de France Soundtracks verscheen dit volledige album in 2003 als cd en als dubbel-lp. In 2009 volgde er een geremasterde versie, waarbij de toevoeging 'Soundtracks' uit de titel werd weggelaten. Naast de standaard uitvoering op zwart vinyl kwam er toen ook een schitterende editie beschikbaar met één blauwe en één rode plaat. Deze laatste ligt nu op de draaitafel.

Elektronische muziek is in mijn platenkast altijd zwaar ondervertegenwoordigd geweest. Niet uit desinteresse, maar simpelweg omdat je keuzes moet maken als je een brede muzieksmaak hebt. Wat dat betreft is het heerlijk om vrienden te hebben die je collectie af en toe een beetje bijsturen.

Vandaag is het rustdag in de Tour, en dan is dit minimalistische, hypnotiserende meesterwerk toch het perfecte album om de dag mee door te komen? 

vrijdag 10 juli 2026

Foreign Tongues #01

Vandaag is hij dan eindelijk verschenen, omringd door een enorme berg exposure: Foreign Tongues, het gloednieuwe album van The Rolling Stones. Verschillende singles had ik natuurlijk al in huis en daar ben ik echt reuze-enthousiast over. Net als destijds bij Hackney Diamonds ga ik deze nieuwe plaat de komende tijd samen met een groep vrienden nummer voor nummer analyseren.

De hoes vind ik alvast geweldig: een heerlijk stuk zelfspot over het ouder worden. De singles van dit album vertoonden daarentegen absoluut geen sporen van ouderdom; integendeel, die bruisen juist van het enthousiasme. Ik ben dan ook ontzettend benieuwd hoe de overige tien nummers klinken.

Er is trouwens ook nog een speciaal pakketje onderweg dat ik in Duitsland heb besteld. Dat is een exclusieve winkel-editie met een alternatieve hoes en prachtig zilver vinyl.

Komende week ga ik op deze blog heel uitvoerig in op deze nieuwe Stones-plaat. Ik ga niet, zoals de kranten, snel even een vluchtige recensie eruit poepen, maar ik ga dit album eerst eens helemaal op m'n gemak afkluiven. Wordt vervolgd!

dinsdag 7 juli 2026

Ringo Starr

Van The Beatles ben ik ongeveer net zo'n grote fan als van voetbal. Wat voetbal betreft kijk ik eigenlijk alleen naar enkele wedstrijden op een eindtoernooi, waarbij vooral de knock-outfase mij wel kan boeien. Ik ga er echter niet 's nachts voor opstaan en ik blijf er al helemaal niet voor thuis.

Zo is het ook met The Beatles. Daar blijf ik niet voor thuis en er gaat maar heel zelden een album van de Fab Four op de draaitafel. Nagenoeg alle Beatles-platen die ik bezit, zijn dan ook als een soort paard van Troje in mijn collectie beland.

Net als bij het voetbal kan ik de enorme importantie van The Beatles natuurlijk niet ontkennen. Zoals geen enkele andere sport zo'n gigantische maatschappelijke impact heeft als voetbal, zo heeft geen enkele andere band zoveel invloed gehad op de ontwikkeling van de popmuziek. Maar over The Beatles of voetbal moet je mij geen presentatie laten geven; dan zitten we binnen vijf minuten aan de wijn en de hapjes. 
Als het daarentegen over wielrennen of The Rolling Stones moet gaan, kun je me gerust bellen!

Om iets inhoudelijks over Ringo Starr te schrijven, moet ik eigenlijk al naar Wikipedia grijpen, terwijl deze blog juist een pure dump is van mijn eigen geheugen en albumbelevingen. Ik zag op Wiki wel dat Ringo, naast zijn legendarische bijdrage aan The Beatles, maar liefst 22 (!!!) soloalbums en een tiental live-platen heeft gemaakt. Indrukwekkend!

Als ik vervolgens in mijn eigen platenkast kijk, zie ik hem opduiken op albums van George Harrison, Bob Dylan, Dolly Parton en The Band. Een druk baasje dus, die na het uiteenvallen van The Beatles absoluut niet stil is gaan zitten.
Ringo wordt vandaag maar liefst 86 jaar, is nog altijd hartstikke actief en bracht onlangs zelfs nog een nieuw album uit. Diep respect!

Happy Birthday, Ringo!

maandag 6 juli 2026

Wereld Kusdag

Laat ik het maar gelijk bekennen: ik ben gek op zoenen. Mijn lief gelukkig ook. Nu gaat deze blog niet over romantische of erotische opschepperij, maar een lekker potje zoenen slaan we hier thuis niet snel over. Overigens ben ik wel heel blij dat we door de coronaperiode grotendeels verlost zijn van dat verplichte zoenen bij informele ontmoetingen of nieuwjaarsrecepties. Ik ben best een leuke vent en snap heus dat vrouwen mij graag willen kussen, maar die behoefte is van mijn kant maar zelden wederzijds.

Muziek, romantiek en liefde gaan hand in hand, en liedjes over een kus zijn dan ook moeiteloos te vinden.

Bryan Ferry begint de zoektocht met "One Kiss", te vinden op zijn solo-album In Your Mind uit 1977. Elvis Presley is met "Kiss Me Quick" een stuk ongeduldiger; een track die op diverse albums en verzamelaars is verschenen, waaronder A Portrait in Music (1973). Een tikje hopeloos is "I'll Kiss the World Goodbye" van J.J. Cale. Gezongen vanuit de gevangenis en vurig verlangend naar een vrouw, prachtig te horen op het album Really uit 1972.

Joe Bonamassa is met zijn "Last Kiss" blijkbaar uitgezoend, maar het nummer stond wel steevast op zijn setlist. Je vindt het op het studio-album The Ballad of John Henry (2009), maar ook op diverse live-albums uit zijn Tour de Force-serie.

Kate Bush houdt het met "Infant Kiss" op het album Never for Ever (1980) op een onschuldige kinderkus, en ook Gram Parsons doet dat met "Kiss the Children" (1973). Beiden volkomen onschuldig bedoeld, al zijn het natuurlijk wel onderwerpen waar je tegenwoordig in de media met fluwelen handschoentjes mee om moet gaan.

Little Feat gooit op het album Dixie Chicken (1973) het nummer "Kiss It Off" in de strijd. Lucinda Williams horen we dan weer op Blessed (2011) met "Kiss Like Your Kiss". Luister van dat laatste nummer trouwens ook eens naar de 'Kitchen Table'-versie. Om te zoenen, zo mooi!

Lucinda is blijkbaar gefascineerd door de kus, want al eerder hoorden we van haar het prachtige "Still I Long for Your Kiss". Dat staat op haar legendarische album Car Wheels on a Gravel Road van 1998. Op haar Corona-album Southern Soul (Lu's Jukebox serie) kleurt ze dit nummer nog eens extra rauw in.

Als ik nog even verder zoek, zal er in de platenkast vast nog veel meer gezoend worden, maar dit is alvast een heerlijk setje vinyl om de dag mee door te komen. Verder hoop ik natuurlijk dat jullie vandaag allemaal vaak, gezond en vooral lekker zoenen!

dinsdag 30 juni 2026

60 jaar Aftermath

Volgende maand, zeg maar volgende week komt het nieuwe album van The Rolling Stones uit. Na de singles "In The Stars" en "Jealous Lover" zijn de verwachtingen bij mij heel hooggespannen. Nu ben ik al vrij snel tevreden met wat die gasten maken, maar geheel zonder kritiek ben is het ook weer niet. 
Een album als Their Satanic Majesties Request hadden ze van mij echt niet hoeven maken, en die conclusie trokken Jagger en Richards later zelf gelukkig ook. Ook Dirty Work uit 1986 is voor een band als de Stones geen plaat om écht trots op te zijn. Zo zijn er nog wel wat missers. Maar dat geeft niet: als je een album niks vindt, laat je het lekker in de winkel staan.

Wat je daarentegen absoluut níét in de winkel moet laten staan, is Exile on Main St. (1972). Dat album kwam precies uit op het moment dat ik als tiener wat budget kreeg om platen te kopen. Het is min of meer nog steeds een van mijn favoriete Stones-albums. Enthousiast geworden door deze legendarische dubbelaar ging ik destijds verder graven. Je komt dan al snel uit bij meesterwerken als Sticky Fingers (1971), die ik weleens bij een oudere buurjongen had gehoord. Let It Bleed en Beggars Banquet leende ik braaf bij de platenbibliotheek, en zo zakte ik steeds verder af in de historie van de band. Eigenlijk bizar om NU op te schrijven dat ik in 1972 (!!!!!) al in de geschiedenis van de Stones aan het graven was.

Teruggraven van 1972 naar 1964 voelde voor een snaak van 15 als een enorme periode. Maar als je bedenkt dat het inmiddels 2026 is en we gewoon wéér op een nieuw album zitten te wachten? Bizar.

In mijn zoektocht kwam ik uiteraard ook uit bij het album Aftermath. Wat me direct opviel, was de enorme speelduur van maar liefst 53 minuten en 20 seconden. Wat ik toen echter nog niet wist, was het gigantische verschil tussen de UK- en de US-versie. Pas later, 'toen ik groot was' en me nog dieper in de Stones ging verdiepen, kwam ik in platenzaken die aan eigen import deden. Toen was het hek van de dam. Los van het vermogen dat ik in dat soort winkels uitgaf aan bootlegs, ontdekte ik dat er met name in de jaren '60 bij veel Britse bands grote verschillen zaten tussen de Amerikaanse en Engelse tracklists.

Zo ook bij Aftermath. Het verschil is zo groot dat als iemand zegt dat hij Aftermath een geweldige plaat vindt, je direct mag vragen: "De UK- of de US-versie?"

Het verhaal rondom het album begint al bij de titel die het uiteindelijk niét gehaald heeft. De plaat zou aanvankelijk Could You Walk on the Water? gaan heten. Dat vonden ze in het brave en preutse Amerika natuurlijk veel te heftig, en er zal destijds ook met een schuin oog naar de moralistische BBC zijn gekeken. Zelfs het oorspronkelijke hoesontwerp met daarop Jezus die bij zonsondergang een wandeling maakt over het Meer van Galilei werd afgekeurd.

De titel en die hoes sneuvelden dus aan weerszijden van de oceaan. Maar de tracklists bleven verschillen. Kijk maar mee:

 

Tracklist Aftermath (UK-versie)

Kant A

Mother's Little Helper – 2:45

Stupid Girl – 2:55

Lady Jane – 3:08

Under My Thumb – 3:41

Doncha Bother Me – 2:41

Goin' Home – 11:13

Kant B

Flight 505 – 3:27

High and Dry – 3:08

Out of Time – 5:37

It's Not Easy – 2:56

I Am Waiting – 3:11

Take It or Leave It – 2:47

Think – 3:09

What to Do – 2:32

Tracklist Aftermath (US-versie)

Kant A

Paint It Black – 3:45

Stupid Girl – 2:55

Lady Jane – 3:09

Under My Thumb – 3:41

Doncha Bother Me – 2:41

Think – 3:09

Kant B

Flight 505 – 3:27

High and Dry – 3:08

It's Not Easy – 2:56

I Am Waiting – 3:11

Goin' Home – 11:13

In Amerika lieten ze er dus maar liefst vier nummers weg, maar propte men wél de losse hitsingle "Paint It Black" erop als openingsknaller.

Naast de nummers waren de verschillen in die periode nóg groter. In Groot-Brittannië was Aftermath pas het vierde album van de Stones. In de Verenigde Staten was het door al het knip- en plakwerk van de platenmaatschappij al hun zesde lp! Juist dit soort bizarre historische details maken de discografie van de Stones tot zo'n boeiend en dankbaar onderwerp voor de verzamelaar.

De vraag die voor vandaag overblijft: wat is jouw favoriete versie van Aftermath?

maandag 29 juni 2026

Ian Paice 78 jaar

Deze drummer en medeoprichter van de Britse hardrockformatie Deep Purple mag vandaag maar liefst 78 kaarsjes uitblazen. Paice is het enige lid van Deep Purple dat in werkelijk álle varianten van de bezetting heeft meegespeeld.

Deep Purple heeft, naast de pauze tussen 1976 en 1984, een flink aantal bezettingswisselingen gekend. Gelukkig is het nooit zo'n duiventil geworden als we weleens hebben gezien bij bands als Chicago, Whitesnake, Santana en Hawkwind. Bij Deep Purple is dat overigens ludiek opgelost door de verschillende tijdperken aan te duiden met 'Mark'. Zo spreken we van Deep Purple Mark I, Mark II, enzovoorts. De huidige line-up is inmiddels alweer Mark IX.

Paice heeft dus aan alle grote successen van de band meegewerkt, waaronder het legendarische live-album Made in Japan uit 1972. Zelfs na al die jaren behoort deze plaat nog altijd tot de allerbeste live-albums uit de geschiedenis. Wat mij betreft is dit het ultieme visitekaartje dat Deep Purple ooit heeft afgegeven.

Je hoeft eigenlijk alleen maar kant A te draaien om te horen wat een geweldige machine hier op het podium staat. Kant A gaat direct vlammend van start met "Highway Star", en nog voor je als luisteraar een beetje op adem kunt komen, knalt er al een fenomenale versie van "Child in Time" uit de speakers.

Iedere keer als ik dit album opzet, is het weer voorbij voor ik er erg in heb. Dit is een klassieker onder de klassiekers, en het is heerlijk om vandaag eens extra op het drumwerk te letten. Want dat is echt ongekend bruut!

Ian, happy birthday!

zaterdag 27 juni 2026

Doc Pomus

Waarschijnlijk heeft niemand van jullie ooit van Doc Pomus gehoord, maar ik weet honderd procent zeker dat jullie allemaal genoeg van zijn muziek hebben gehoord.

Doc Pomus werd op 27 juni 1925 in New York geboren onder de naam Jerome Solon Felder. Hij overleed op 65-jarige leeftijd aan longkanker, maar was tot die tijd een zeer opvallende verschijning in de muziekscene. Zijn carrière begon min of meer als blueszanger, maar zijn grootste successen behaalde hij als liedjesschrijver. Samen met zijn maatje en pianist Mort Shuman schreef hij een gigantisch aantal nummers, waarvan er vele door andere artiesten tot wereldhits zijn gemaakt.

Elvis Presley nam maar liefst twintig (!!) nummers van het duo op, waaronder klassiekers als "Viva Las Vegas" en "Little Sister". Die laatste track is later ook nog opgenomen door Pearl Jam, Ry Cooder en Robert Plant.

Het meest succesvolle nummer van het duo is ongetwijfeld "Save the Last Dance for Me". Het werd in 1960 een gigantische hit voor The Drifters, maar is daarna door talloze grote namen uit de muziekgeschiedenis op de plaat gezet. Denk aan Emmylou Harris, Dolly Parton, Bruce Springsteen, Randy Meisner, Ike & Tina Turner, Cliff Richard, The Blue Diamonds, Michael Bublé, The Cats, Jerry Lee Lewis, Neil Diamond, Harry Nilsson en zelfs The Beatles.

Hoewel er online best wat materiaal te vinden is van Doc Pomus waarin hij zelf optreedt, kies ik ter ere van zijn geboortedag vandaag toch voor de uitvoering van The Drifters. Aanvankelijk was het nummer bedoeld als B-kantje, maar het groeide uit tot een megahit die Doc Pomus in één klap tussen de allergrootste liedjesschrijvers ter wereld zette.

vrijdag 26 juni 2026

Stones: Jealous Lover

Vanmorgen vroeg ben ik op de racefiets gesprongen en naar een vriend in Rotterdam gefietst. Het dorp waar ik woon is prima, maar we hebben er geen fatsoenlijke platenwinkel. Dus ging ik naar de stad waar ik geboren en getogen ben. En laten we eerlijk zijn: je kunt wel uit Rotterdam gaan, maar Rotterdam gaat nooit helemaal uit jou.

Na een bak koffie bij die vriend zijn we, ondanks code rood van het KNMI, naar het centrum van de stad gewandeld. Dat ging eigenlijk prima. De eerste platenzaak die we open aantroffen was Velvet, en daar heb ik natuurlijk meteen de 10 inch vinylversie op de kop getikt. En voor die paar euro die de cd kost, heb ik die er ook maar gelijk bij gekocht.

Met twee eerdere singles hadden de Stones al een tipje van de sluier gelicht, waardoor ik behoorlijk enthousiast én nieuwsgierig ben geworden naar het nieuwe album dat op 10 juli aanstaande verschijnt.

De A-kant, "Jealous Lover" van deze nieuwe single is een nummer in de stijl waarin ik de Stones het liefst hoor. Relaxed, met een tikkeltje zwoele vibe. Dat laatste kan ook aan de temperatuur op mijn hobbykamer liggen. Ik heb de cd inmiddels op repeat staan en deze track heeft echt een heerlijk meezinggehalte. 
Niet dat iemand zou willen dat ik dat doe.......
Verder is het een lekker beweeglijk nummer; zelf ben ik niet zo'n danser, maar je schouders stilhouden bij deze track is een ware kunst.

Op de B-kant vinden we "Divine Intervention", en dat is weer een heel ander soort nummer. Dit nummer gaat echt met gierende banden uit de startblokken en het tempo zakt geen moment in. Stones zoals Stones muziek maken!

De twee nummers die vandaag zijn uitgebracht, geven samen met het eerder verschenen "In The Stars" en "Rough And Twisted" een prima inkijkje in het nieuwe album. Het belooft een heerlijk gevarieerde plaat te worden. Klasse verraadt zich niet, maar wat mij vooral opvalt, is het pure enthousiasme dat in de muziek hoor- en voelbaar is.

Kom maar op met dat nieuwe album! Nog veertien nachtjes slapen...

dinsdag 16 juni 2026

Ian Matthews 80 jaar

Hij is ook bekend als Iain Matthews, maar werd geboren als Ian Matthews MacDonald. Om verwarring te voorkomen met die andere Ian McDonald (van King Crimson) koos hij er al vroeg in zijn carrière voor om alleen de achternaam van zijn moeder te gebruiken.

Ian heeft een onwaarschijnlijk omvangrijke discografie opgebouwd: tientallen solo-albums, een groot aantal bands en talloze bijdragen als sessiemuzikant bij andere artiesten. Een complete verzameling met het muzikale werk van Ian Matthews kan zomaar eens uit meer dan honderd albums bestaan en je aan de bedelstaf helpen......

Zijn belangrijkste wapenfeiten zijn waarschijnlijk de eerste twee albums van de legendarische folkrockgroep Fairport Convention. De band bestond al twee jaar toen Ian aanschoof voor het debuutalbum, dat simpelweg de naam van de groep kreeg. Lang heeft zijn verblijf daar echter niet geduurd. Het debuut is een prachtig album, net als opvolger What We Did on Our Holidays, dat overigens net als het debuut in 1968 verscheen.

Hoewel Ian zijn hele carrière trouw is gebleven aan de folkrock, stond zijn creatieve kompas destijds net een andere kant op en verliet hij na twee albums de groep. Op het derde album zingt hij overigens nog wel op één nummer mee. Uiteraard is zijn kenmerkende stem ook hoorbaar op de vele live- en verzamelalbums die door de jaren heen van Fairport Convention zijn verschenen.

De productiviteit die Ian na het verlaten van de band liet zien, is werkelijk immens. Pas eind jaren '80 laste hij een kleine pauze in, simpelweg omdat hij de grillen van de grote platenmaatschappijen spuug en spuug en spuugzat was. Gelukkig was die adempauze van korte duur (twee jaar?) en is hij daarna altijd muziek blijven maken.

Persoonlijk kan ik hem vooral als zanger enorm waarderen. Daarom rolt hier nu het album If You Saw Thro' My Eyes uit 1971 door de speakers. Volgens kenners is dit zijn allerbeste werk. Zelf ga ik daar lekker geen uitspraak over doen; daarvoor is de discografie van Ian simpelweg te omvangrijk. Met omvangrijk bedoel ik: heel, heel omvangrijk!

Ian, happy birthday!

woensdag 10 juni 2026

50 jaar In The Pocket

Dit is weer typisch zo'n album waar de arrogante en zelfingenomen muziekpers destijds zo nodig tegenaan moest plassen. Kijk, als dit je genre niet is, dan wordt het natuurlijk nooit wat. Maar wat mij betreft hoort dit album probleemloos thuis in de ultieme 'zondagochtend top 25'.

Croissantjes in de oven, eitjes koken, verse jus persen, een goede kop koffie erbij en James met zijn enorme muzikale gevolg als omlijsting. Beter gaan de zondagochtenden niet worden. Dat enorme gevolg op In The Pocket behoeft trouwens wel wat uitleg, want op dit album zijn grootheden te horen als Stevie Wonder, Carly Simon, Art Garfunkel, David Lindley, David Crosby, Graham Nash en Bonnie Raitt. Verder hoor je een keur aan gerespecteerde sessiemuzikanten zoals Craig Doerge, Danny Kortchmar, Russ Kunkel, Jim Keltner en vele anderen.

James Taylor is nooit een grote vernieuwer geweest, en dat hoeft ook helemaal niet. Toch flirt hij op dit album een paar keer subtiel met de r&b, zoals op het nummer "Money Machine". Verder kent het album vooral de bekende, heerlijk voortkabbelende James Taylor-nummers. Een track als "Slow Burning Love" is voor mij echt een pareltje. Het klinkt niet alleen fantastisch, de tekst is ook prima en met een groot gevoel voor sfeer gebracht.

Op het daaropvolgende "Everybody Has The Blues" klinkt James misschien net een tikkeltje te vrolijk voor de titel. Wellicht was hij stiekem toch opgelucht dat een bepaalde liefde voorbij was.

In The Pocket, dat vandaag op de dag af 50 jaar geleden verscheen, is gewoon een prima plaat. Ook ik moest destijds aan die wat meer r&b-achtige invloeden wennen. Van het dozijn nummers kun je er een drietal als zodanig benoemen: het eerder genoemde "Money Machine", "Family Man" en een cover van "Woman's Gotta Have It". Die laatste vind ik persoonlijk wat minder geslaagd; het is zeker niet slecht, maar het strijkorkestje is mij net even te zoet.

Onderaan de streep blijft In The Pocket vooral een album dat na een halve eeuw nog steeds absoluut de moeite waard is om op de platenspeler te leggen. En dan bij voorkeur op de zondagochtend, met een lekker ontbijtje binnen handbereik...

dinsdag 9 juni 2026

Skip James

Een groot aantal bluesmuzikanten dat met name begin vorige eeuw in de Mississippidelta aan de weg timmerde, heeft inmiddels een legendarische status verworven. Rijk zullen de meesten er destijds echter niet van zijn geworden. Toch zijn namen als Robert Johnson, Lead Belly, Charley Patton, Sonny Boy Williamson II en Son House onmiskenbaar verankerd in de ontwikkeling van de blues.

Helaas zijn heel veel bluesartiesten uit die beginperiode ten onrechte minder bekend geworden bij het grote publiek. Vandaag is de geboortedag van Skip James, en dat is een mooi moment om hem eens in de spotlights te zetten. Hij werd op 9 juni 1902 geboren als Nehemiah Curtis James in het plaatsje Bentonia (Mississippi). Dat bleek vruchtbare bluesgrond, want ook artiesten als Jimmy "Duck" Holmes (bekend van het Blue Front Cafe) en Jack Owens hadden hun wieg in dit minidorpje staan.

Hoewel het Blue Front Cafe absoluut een eigen blog waard is, gaat vandaag alle aandacht naar 'Skip' zoals hij al snel door iedereen werd genoemd. Tussen de twee wereldoorlogen nam Skip een aantal waanzinnig knappe nummers op, alleen werden deze destijds door het grote publiek niet omarmd. De concurrentie was in die jaren natuurlijk enorm, maar Skip verdient het beslist om met zijn heerlijke, authentieke blues in het iconische rijtje van de Deltablues genoemd te worden.

Door het uitblijven van succes liet Skip het bestaan als bluesmuzikant eind jaren '30 voor wat het was. Hij trad nog wel een heel enkele keer op, maar het duurde tot begin jaren '60 voor we weer echt wat van hem hoorden. Skip werd door een aantal bluesliefhebbers letterlijk in een ziekenhuisbed ontdekt en voor hij het wist, stond hij weer in de studio.

De oude schellakplaten hadden inmiddels plaatsgemaakt voor de moderne 33-toerenlp, en Skip zal in de studio wel even zijn ogen hebben uitgekeken. In de jaren '30 had hij een negental 78-toerenplaten gemaakt. Die bevatten aan weerszijden maar één nummer, wat je destijds natuurlijk geen volwaardige albums kon noemen. Dat echte album kwam er pas in 1965 onder de titel Greatest of the Delta Blues Singers. Wellicht een wat theatrale naam, maar het is onmiskenbaar een vijfsterrenalbum. Met de opvolgers Today! en Devil Got My Woman trakteerde Skip ons op nog een aantal heerlijke, authentieke bluesalbums.

Helaas overleed Skip kort na de release van Devil Got My Woman. Hoewel hij nog steeds geen mega-bekende naam is bij het grote publiek, kan hij onder bluesaficionados en professionele muzikanten rekenen op enorme waardering. Niet voor niets wordt er voor zijn originele schellakplaten uit de jaren '30 tegenwoordig een vermogen neergelegd, en is zijn muziek destijds veelvuldig gecoverd door moderne rockbands als Deep Purple en Cream (denk aan hun iconische versie van "I'm So Glad").

Zijn oude werk is inmiddels ook op modern vinyl verschenen. Als je een plaat van Skip James koopt, moet je dan ook goed opletten of je met zijn werk uit de jaren '30 of de jaren '60 te maken hebt. Daar zit een enorm verschil tussen. De opnames uit de zestiger jaren zijn technisch serieus beter, maar ook wat minder rauw en authentiek.

Wie voor die pure, vroege bezieling gaat, doet zichzelf een groot plezier met de verzamelaar van zijn vroege werk. Hierop staan de 18 nummers die in de jaren '30 op de negen 78-toerenschellakplaten verschenen. Een fascinerende bloemlezing van het eerste deel van zijn carrière. De hoes is direct een knipoog naar de matige geluidskwaliteit, want het ontwerp wekt de suggestie dat we hier met een oude, versleten 78-toerenplaat te maken hebben.

Dit zijn geen platen die je elke maand opzet. Het is echter wel een heerlijke collectie die je rechtstreeks meeneemt naar de kleutertijd van de blues.


maandag 8 juni 2026

Stones in DDR museum

Afgelopen week waren we in de Harz, een regio die in de voormalige DDR ligt. Naast de prachtige natuur vind je er leuke stadjes met eindeloze rijen vakwerkhuisjes. Tijdens zo'n vakantie snuiven we ook altijd wat cultuur en historie op, en we bezoeken dan ook steevast een paar musea. Zo ook deze trip en in het stadje Thale bezochten we het DDR-museum. Zo'n bezoek is een soort tijdreizen en verzamelaars van oude draaitafels lopen hier waarschijnlijk kwijlend rond tussen alle Oost-Duitse merken waar wij in het Westen natuurlijk nooit van gehoord hebben.

Zelf kreeg ik bij een bak met platen een kleine hartverzakking toen ik daar ineens een lp van The Rolling Stones zag staan. Ik vond het een vreemde gewaarwording en vroeg me meteen af of het om een illegale persing ging. In de DDR waren ze destijds immers wars van alles wat westers was. Daarnaast stonden de Stones nou niet bepaald bekend als het braafste bandje, met teksten die doorgaans slecht vallen binnen een dictatuur.

Eind jaren '60 ging in Berlijn het hardnekkige gerucht rond dat de Stones op het dak van een westerse uitgeverij een concert zouden geven, dat te zien en te horen zou zijn aan de DDR-kant van de Muur. Massaal kwamen er jongeren op af, die vervolgens stelselmatig door de politie werden verhoord. Iedereen ontkende natuurlijk stijf dat ze voor de Stones kwamen, maar ruim honderd mensen werden gearresteerd en iemand verdween destijds zelfs voor lange tijd achter de tralies. De Stones waren simpelweg te anarchistisch en een te krachtig symbool van vrijheid. Alles waar de leiding van de DDR fel tegen was, vonden ze terug in deze rockband.

Toch kon het regime de opkomst van moderne muziek uiteindelijk niet tegenhouden. De hoeveelheid illegaal binnengesmokkelde platen en tapes nam hand over hand toe. Met tegenzin besloot de leiding van de DDR begin jaren '80 om op gedoseerde wijze dán maar zelf westerse muziek beschikbaar te stellen. Van een groot aantal artiesten verscheen destijds een album op het Oost-Duitse staatslabel AMIGA. Van de Stones verscheen in 1982 dit titelloze verzamelalbum.

Als hoesontwerp werd de iconische foto gebruikt die we kennen van hun tweede Britse album, The Rolling Stones No. 2 uit 1965. Diezelfde foto was een jaar eerder in de Verenigde Staten al gebruikt voor het album 12 × 5. In die vroege jaren liepen de albumreleases tussen de UK en de US flink uiteen en bij de Stones verschenen er in die periode in Amerika zelfs twee albums meer dan in Groot-Brittannië.

Voor veel Stones-fans heeft deze DDR-plaat dus een zeer herkenbare foto op de cover, al is de tracklist wel degelijk een unieke compilatie van hun vroege hits. Het is beslist een prachtig, historisch verzamelobject.
Het kostte mij dan ook de nodige moeite om het album na afloop netjes in het museum achter te laten...

vrijdag 29 mei 2026

Melissa Etheridge

Vandaag wordt deze geweldige artieste 65 jaar. Dat wil gelukkig niet zeggen dat Melissa met pensioen gaat, want dit voorjaar bracht ze nog het album Rise uit. Het was inmiddels haar zeventiende studioalbum en ook deze plaat kreeg overwegend goede recensies.

Zelf begin ik op de verjaardag van Melissa met haar fenomenale debuut uit 1988. Het album kreeg simpelweg de titel Melissa Etheridge en haalde in de VS maar liefst tweemaal platina. Dat is pas een visitekaartje afgeven. Het is heerlijke rock en Melissa bewijst hierop meteen dat ze een uitstekende liedjesschrijver is. Haar teksten zijn doorgaans van een hoog niveau, maar je kunt ook prima van puur de muziek genieten.

Dat dit debuutalbum geen lucky shot was, bewees Melissa in de jaren daarna haarfijn met het ene na het andere uitstekende album. Soms kreeg ze wat vreemde waarderingen van de zure muziekpers, zoals het gerenommeerde tijdschrift Rolling Stone. Dat was in die beginjaren natuurlijk best een mannenbolwerk, en dan is een vrouw die stevig op de deur bonst wel even schrikken. Zeker als zo'n vrouw ook nog eens op vrouwen valt en lastige thema's in haar songs verwerkt.

Melissa heeft zich er nooit door laten afleiden. Ik weet nog goed dat ik de opvolger Brave and Crazy (1989) direct ben gaan halen toen deze verscheen. Zelf zat ik destijds net in een megadal wat relaties betreft, en dan staan er op die plaat wel een paar liedjes die extra hard binnenkomen. De single "You Can Sleep While I Drive", die van dit album kwam, is typisch zo'n nummer dat het bij liefdesverdriet extra 'goed' doet. Waar is toch die vrouw die zo voor mij zou zingen...

Op dit moment zit het debuutalbum Melissa Etheridge in de cd-speler, maar ik weet zeker dat de opvolger vandaag ook nog wel even de speler gaat halen. 

Happy Birthday, Melissa!

woensdag 27 mei 2026

50 jaar The Royal Scam

Als critici het unaniem met elkaar eens zijn, kan een album doorgaans best heel goed zijn. Toch blijf ik dan juist extra alert. Vaak hebben we in zo'n geval namelijk te maken met een 'PPP-album': Pizza, Patat en Pannenkoeken! Iedereen lust het wel, maar echt spannend is het zelden.

Juist de albums waar de meningen en waarderingen wat verder uit elkaar liggen, zijn een stuk interessanter. Vaak zijn dat platen met een iets hogere opstapdrempel, die niet zelden flink afwijken van het andere werk van de betreffende artiest. Denk maar eens aan Ry Cooder en Neil Young

Deze week viert The Royal Scam haar 50e verjaardag, en dit album past perfect in die categorie van gezonde verdeeldheid. Steely Dan heeft voor deze plaat de vertrouwde mix van rock en jazz flink verschoven: iets meer rock, iets minder jazz, en een flinke portie funk.

Het album kan in de brede publieksopinie misschien net niet op tegen meesterwerken als Can’t Buy A Thrill (1972) of het latere Aja (1977). Toch zijn er genoeg diehard fans die The Royal Scam steevast op de tweede plek van hun Steely Dan-lijstje zetten. Zelf beschouw ik de plaat vooral als een geniale vingeroefening; een opmaat naar het ultieme meesterwerk Aja dat een jaar later zou verschijnen.

Op The Royal Scam horen we dus meer funk, maar op een aantal momenten ook veel gitaar-experimenten (luister eens naar de geweldige solo van Larry Carlton op "Kid Charlemagne"). Wie het album voor het eerst hoort, zal een aantal nummers direct oppakken, maar bij andere tracks wat meer uitdaging ervaren.

Zelf heb ik het album inmiddels zo vaak beluisterd dat alle nummers als thuiskomen voelen. Toch blijft "Haitian Divorce" voor mij echt megabriljant. De fraaie muzikale wendingen en de cynische, grappige tekst zijn onbetaalbaar.

Donald Fagen en Walter Becker op hun best... totdat ze een jaar later met Aja lieten zien dat ze nóg een stapje verder konden groeien.

dinsdag 19 mei 2026

Pete Townshend

Deze rocker en gitarist van The Who viert vandaag zijn 81e verjaardag. Veel mensen denken bij Pete direct aan Tommy en aan het in elkaar slaan van gitaren. Dat vernielen van die instrumenten zien we maar even als een jeugdzonde in een destructieve, creatieve zoektocht.

Tommy kunnen we daarentegen moeilijk een jeugdzonde noemen. Dit meesterwerk zag in 1969 het levenslicht, is een geniale rockopera en geldt tot op de dag van vandaag als een absolute benchmark. Na het succes van Tommy had Townshend de smaak te pakken en startte hij het ambitieuze project Lifehouse. Dat kwam nooit helemaal van de grond, maar van "de restjes" werd wel het legendarische album Who's Next gemaakt. Nummers van dit album horen we nog dagelijks op tv als intro bij diverse Amerikaanse politieseries. Lifehouse was wellicht ook een succes geworden, maar Townshend is nu eenmaal een perfectionist die zelfs met een perfect resultaat nog niet snel tevreden is.

Toch bleef het concept van de rockopera kriebelen en zo kwam The Who in 1973 met Quadrophenia. Net als bij Tommy is ook hier disfunctioneren weer een belangrijk thema. Deze opera mag absoluut worden gerekend tot de vele absolute hoogtepunten die The Who heeft weten te bereiken.

Formeel bestaat The Who nog steeds, al heeft de band meermaals een flinke adempauze ingelast. Niet zo gek, want als het om creativiteit gaat, is Townshend een zeer veeleisende muzikant. Zeer veeleisend! Logisch dat zijn collega's dan zo nu en dan even een break nodig hadden.

Townshend maakte met The Who twaalf studioalbums en maar liefst zestien live-albums. Uit die laatste categorie is Live at Leeds (1970) een meesterwerk en nog altijd een blauwdruk voor hoe een live-plaat hoort te klinken. Naast zijn gigantische erfenis met The Who maakte Townshend zeven solo-studioalbums en maar liefst tien (!!!!) solo-live-platen.

Zijn solowerk is buitengewoon divers. Zo is de conceptuele musical The Iron Man uit 1989 (met bijdragen van onder anderen John Lee Hooker en Nina Simone) totaal niet te vergelijken met een poprockalbum als White City: A Novel. Het laat echter perfect de reikwijdte van Townshend zien: creatieve grenzen bestaan voor hem simpelweg niet. Een briljante artiest!

Pete Happy Birthday!